Perimenopauze: hoe je het herkent en hoe lang het duurt

Zeven jaar en vijf maanden. Dat is hoe lang opvliegers en nachtelijk zweten bij de gemiddelde vrouw duren, gemeten over zeventien jaar bij 3.302 Amerikaanse vrouwen. Begonnen de klachten al voordat je cyclus onregelmatig werd, dan is de mediaan zelfs langer dan elf jaar en acht maanden.

Vrouw van in de veertig achter haar laptop met haar hand tegen haar slaap
Een op de vijf vrouwen in de overgang meldt klachten die ze zelf niet kan plaatsen. Precies daar begint de zoektocht meestal.

Deel dit artikel wanneer je denkt dat je er iemand een plezier mee doet:

Dat getal verrast bijna iedereen. De meeste vrouwen groeien op met het idee dat de overgang een jaartje gedoe is rond je vijftigste, waarna het over is.

De werkelijkheid is dat de perimenopauze de langste hormonale fase van je volwassen leven kan zijn, en dat ze vaak begint terwijl je nog gewoon elke maand ongesteld wordt.

Wat perimenopauze precies betekent

Perimenopauze betekent letterlijk "rondom de menopauze". Het is de fase waarin je eierstokken minder voorspelbaar gaan werken, maar nog niet zijn gestopt.

De internationale indeling die artsen en onderzoekers hiervoor gebruiken heet STRAW+10, opgesteld door wetenschappers uit vijf landen. Die deelt je leven na de puberteit op in stadia, met de laatste menstruatie als ijkpunt.

Late reproductief cyclus regelmatig Vroege peri verschil 7+ dagen Late peri 60 dagen overslaan laatste menstruatie gemiddeld rond je 51e Vroege post 1 tot 6 jaar Late post De perimenopauze loopt van de eerste onregelmatige cyclus tot twaalf maanden na je laatste menstruatie. Ze duurt bij de meeste vrouwen vier tot tien jaar. Indeling naar STRAW+10, Harlow e.a., J Clin Endocrinol Metab 2012

Waar het bij de meeste vrouwen misgaat in het herkennen: in de vroege perimenopauze zijn je oestrogeenwaarden vaak nog gewoon normaal. Ze schommelen alleen harder dan vroeger.

Een bloedonderzoek op één moment zegt in deze fase dan ook weinig. De uitslag hangt af van de dag waarop je toevallig prikt, en dat is precies waarom vrouwen soms te horen krijgen dat er niets aan de hand is terwijl ze zich al twee jaar anders voelen.

De klachten die niemand met de overgang in verband brengt

Opvliegers en nachtzweten kent iedereen. De andere kant van de perimenopauze is minder bekend en veroorzaakt vaak meer ongerustheid.

Een Duits overzichtsartikel uit 2024 zet ze op een rij: slaapproblemen, gevoelige borsten, stemmingswisselingen, hartkloppingen, paniekaanvallen, gewrichtspijn, duizeligheid, hoofdpijn en het gevoel dat je hoofd in watten zit.

Diezelfde publicatie noemt een cijfer dat verklaart waarom deze fase zoveel onrust geeft. In een online onderzoek meldde 20 procent van de vrouwen in de overgang klachten die ze zelf niet kon verklaren. Klachten waarvan je gaat denken dat er iets ernstigs aan de hand is, en die soms leiden tot een reeks onderzoeken omdat niemand aan de perimenopauze denkt.

Hartkloppingen zijn daarvan het duidelijkste voorbeeld. Ze voelen alarmerend, ze horen bij deze fase, en ze horen tegelijk altijd één keer nagekeken te worden. Beide dingen zijn waar.

Wat er hormonaal gebeurt, en waarom progesteron als eerste wegvalt

De uitleg die je meestal krijgt is "je oestrogeen daalt". Dat klopt uiteindelijk, maar het is niet wat er als eerste gebeurt en het verklaart de vroege klachten niet.

In de late reproductieve fase worden je eisprongen onregelmatiger. Niet elke cyclus levert er nog een, en juist ná de eisprong maakt je lichaam progesteron. Minder eisprongen betekent dus minder progesteron, terwijl je oestrogeen nog gewoon op peil is of zelfs uitschiet.

Progesteron werkt kalmerend en slaapbevorderend; het grijpt aan op dezelfde receptoren als sommige slaapmiddelen. Als dat als eerste wegvalt, krijg je precies de klachten die vrouwen rond hun 42e melden: slechter doorslapen, meer onrust, gespannen borsten en een zwaardere menstruatie.

Ondertussen probeert je hypofyse de eierstokken harder aan te sturen door meer FSH te maken. Dat is het hormoon dat in bloedonderzoek als eerste opvalt, en dat in de SWAN-slaapstudie samenhing met slechter ervaren slaapkwaliteit.

Oestrogeen zelf gaat pas in de late perimenopauze structureel omlaag. Dan pas verschijnen de klachten die iedereen kent: opvliegers, droogte, botafbraak die versnelt.

Waarom dit onderscheid praktisch is Klachten die vooral 's nachts en rond je menstruatie spelen, bij een cyclus die nog redelijk loopt, passen bij de vroege fase. Opvliegers overdag en droogte horen bij de late fase. Wie in de vroege fase zit en meteen naar een middel tegen opvliegers grijpt, mikt op de verkeerde klacht.

Waarom de een er nauwelijks last van heeft en de ander jaren

In de SWAN-studie zijn de factoren onderzocht die samenhangen met langer aanhoudende klachten. Vijf ervan kwamen er duidelijk uit.

  • Je klachten begonnen al vóór je cyclus onregelmatig werd. Dit is de sterkste voorspeller van een lange duur.
  • Een jongere leeftijd bij de eerste klachten.
  • Meer ervaren stress op het moment dat de klachten begonnen.
  • Meer somberheids- en angstklachten in diezelfde periode.
  • Een lagere opleiding, vermoedelijk als indirecte maat voor werkomstandigheden en toegang tot zorg.

Wat opvalt aan die lijst: drie van de vijf gaan niet over hormonen maar over hoe je leven er op dat moment uitziet. Dat is geen verwijt en het maakt de klachten niet minder echt. Het betekent wel dat stress en slaap in deze fase geen zachte randvoorwaarden zijn maar meebepalen hoe lang het duurt.

De zelfcheck: hoeveel herken je?

  • Je cyclus is korter of langer geworden, met verschillen van zeven dagen of meer
  • Je slaapt in, maar wordt tussen drie en vijf uur wakker en komt er niet meer in
  • Je wordt warm op momenten waarop dat nergens op slaat
  • Je bent prikkelbaarder dan je van jezelf kent, zonder duidelijke aanleiding
  • Je zoekt naar woorden die er altijd gewoon waren
  • Je borsten voelen gevoeliger of gespannen aan
  • Je hebt gewrichtspijn die niet bij een blessure hoort
  • Je hart bonkt af en toe zonder inspanning
  • Je bent in het midden aangekomen terwijl je niet anders eet
  • Je libido is veranderd
  • Je krijgt sneller last van een glas wijn dan vroeger
  • Je huid en haar voelen droger

Vier of meer, en je bent tussen de 40 en de 55? Dan is de perimenopauze de meest voor de hand liggende verklaring. Dat is geen diagnose, wel een goede reden om deze lijst mee te nemen naar je huisarts in plaats van elke klacht apart te bespreken.

Waarom je juist tussen drie en vijf uur wakker ligt

Slaapproblemen zijn na opvliegers de meest gemelde klacht in deze fase, en ze hebben twee verschillende oorzaken die door elkaar heen lopen.

De eerste is voor de hand liggend: nachtelijk zweten maakt je wakker. De tweede niet.

In een deelonderzoek van de SWAN-studie sliepen 365 vrouwen twee nachten met slaapmeting thuis. Vrouwen bij wie het hormoon FSH sneller steeg, sliepen volgens de apparatuur juist lánger, maar beoordeelden hun eigen slaapkwaliteit slechter. De slaap wordt dus niet korter maar oppervlakkiger, terwijl je van buitenaf gewoon in bed ligt.

Dat verschil tussen wat de meting laat zien en wat jij ervaart is precies waarom "maar je slaapt toch acht uur" zo'n nutteloze opmerking is.

Open blanco notitieboek met een potlood en een kop kruidenthee op een houten tafel
Drie maanden je cyclus en je nachten bijhouden levert je huisarts meer op dan welke eenmalige bloedtest ook.

Hersenmist is echt, en hij gaat over

Het gevoel dat je trager denkt, namen kwijtraakt en middenin een zin de draad verliest, is een van de meest verontrustende klachten van deze fase. Veel vrouwen denken aan beginnende dementie.

De International Menopause Society publiceerde in 2022 een witboek speciaal over dit onderwerp, gericht op zorgverleners. De boodschap daarin is tweeledig en geruststellender dan verwacht.

Ja, de veranderingen zijn meetbaar. Ze zitten vooral in het verbale geheugen en in de aandacht, en ze zijn tijdelijk. Bij de meeste vrouwen keren de prestaties na de overgang terug naar het niveau van daarvoor.

Nee, het is geen voorbode van dementie. Het patroon van deze klachten is anders, en de duur ervan ook.

Wat hersenmist erger maakt Slecht slapen doet meer met je concentratie dan de hormoonschommeling zelf. Wie 's nachts vier keer wakker wordt van het zweten, presteert overdag zoals iemand die structureel te weinig slaapt. In de praktijk betekent dat: de nachten aanpakken helpt vaak meer tegen de mist dan iets wat rechtstreeks op je hoofd mikt.

Hoe lang duurt het, eerlijk gezegd

De beste cijfers hierover komen uit de SWAN-studie, die 3.302 vrouwen van zeven Amerikaanse locaties zeventien jaar lang volgde. Van de 1.449 vrouwen met frequente opvliegers of nachtzweten zijn deze getallen bekend.

Wanneer je klachten begonnen Mediane totale duur Duur na je laatste menstruatie
Nog vóór of aan het begin van de onregelmatige cyclus meer dan 11,8 jaar 9,4 jaar
Alle vrouwen samen 7,4 jaar 4,5 jaar
Pas na je laatste menstruatie 3,4 jaar gelijk aan de totale duur

De onderzoekers schreven er een aanbeveling bij die zelden doordringt tot de spreekkamer: vertel vrouwen dat frequente opvliegers langer dan zeven jaar kunnen duren.

Dat klinkt zwaar. Het is ook bevrijdend, want het haalt de druk weg van de gedachte dat je "er nu toch wel doorheen zou moeten zijn".

Het deel dat pas na je vijftigste gaat tellen

Opvliegers zijn hinderlijk en gaan over. Twee andere veranderingen zijn onzichtbaar en blijven.

Je botten. De botafbraak versnelt in de jaren rond je laatste menstruatie en gaat daarna in een rustiger tempo door. Je merkt daar niets van tot er iets breekt. Vitamine D is hier het enige voedingsmiddel met een goedgekeurde Europese claim voor behoud van normale botten, en van oktober tot april maakt je huid in Nederland vrijwel geen vitamine D aan. Krachttraining en springen belasten het bot en houden het op peil, wandelen nauwelijks.

Je hart en bloedvaten. Vóór de overgang hebben vrouwen minder hart- en vaatziekten dan mannen van dezelfde leeftijd. Dat verschil neemt daarna af. Bloeddruk en cholesterol verschuiven in deze fase vaak zonder dat je iets merkt, dus dit is de leeftijd waarop die twee getallen de moeite van het kennen waard worden.

Het onderzoek naar hormoontherapie laat zien dat het beschermende effect op hart en bloedvaten alleen optreedt als je er in het eerste decennium na de menopauze mee begint. Later starten geeft dat voordeel niet. Dat is een van de redenen waarom een gesprek hierover rond je vijftigste meer oplevert dan rond je zestigste.

Wanneer je hiermee naar de huisarts gaat

Niet elke klacht in deze fase is de overgang, en niet elke overgangsklacht hoort thuis in een zelfhulpartikel. Deze tabel geeft de grens aan.

Situatie Waarom je dit laat nakijken
Bloedverlies tussen twee menstruaties door, of na seks Hoort niet bij een normale perimenopauze en wordt altijd onderzocht.
Bloedverlies nadat je twaalf maanden niets meer hebt gehad Altijd een reden voor een afspraak, hoe klein ook.
Extreem hevige of langdurige menstruaties Kan bij deze fase horen, maar veroorzaakt bloedarmoede en heeft behandeling.
Klachten vóór je 40e Dan gaat het mogelijk om vervroegde ovariële insufficiëntie. Dat vraagt een andere aanpak.
Somberheid die aanhoudt, of gedachten die je zorgen baren Stemmingsklachten in deze fase zijn echt en behandelbaar. Wacht er niet mee.
Hartkloppingen die je nog nooit hebt laten nakijken Ze horen bij de perimenopauze én verdienen één keer een controle.
Klachten die je dagelijks leven ontwrichten Hormoontherapie is bij ernstige klachten aantoonbaar effectiever dan elk vrij verkrijgbaar middel.

Er is de laatste jaren ook iets nieuws bijgekomen voor vrouwen die geen hormonen kunnen of willen gebruiken. Fezolinetant, een middel dat aangrijpt op het temperatuurcentrum in de hersenen in plaats van op hormonen, is inmiddels in verschillende Europese landen beschikbaar. Vraag je huisarts of dat in jouw situatie een optie is.

Wat je zelf kunt doen, op volgorde van opbrengst

Dit is de volgorde die het onderzoek suggereert, niet de volgorde waarin het meestal wordt aangeraden.

1. Meet drie maanden, voor je iets verandert

Twee cijfers per dag in je telefoon of in een schriftje: het aantal opvliegers, en hoe vaak je wakker werd. Plus de eerste dag van elke menstruatie.

Zonder die basislijn weet je over drie maanden niet of iets heeft geholpen, want je geheugen onthoudt vooral de slechtste week. En je huisarts heeft er meer aan dan aan één bloeduitslag.

2. Pak de nachten aan voor je de dagen aanpakt

Slaap is in deze fase de hefboom. Slecht slapen versterkt de hersenmist, de prikkelbaarheid en de trek in suiker, alle drie tegelijk.

De vier factoren die in het onderzoek naar leefstijl steeds terugkomen zijn alcohol, cafeïne, roken en gewicht. Alcohol in de avond is bij de meeste vrouwen de snelste winst: het maakt je slaperig en breekt vervolgens de tweede helft van je nacht af.

3. Bouw spiermassa, niet cardio

De gewichtstoename rond het middel komt vooral doordat spiermassa verdwijnt en je ruststofwisseling daalt. Twee keer per week krachttraining doet daar meer aan dan een extra uur wandelen, hoe goed dat wandelen verder ook is.

4. Kijk pas daarna naar supplementen

Er is fatsoenlijk onderzoek naar zilverkaars en soja-isoflavonen bij opvliegers, en er is een goede reden waarom soja bij ongeveer twee van de drie vrouwen niets doet. Die reden zit in je darmflora en niet in het merk.

We hebben dat apart uitgeschreven, met per ingrediënt de onderzochte dosering ernaast: supplementen bij de overgang, wat werkt en wat niet.

ORGANICO Menopauze Balans

Zilverkaars 120 mg, monnikspeper 80 mg, soja-isoflavonen 80 mg, alfalfa 350 mg, silicium uit bamboe 40 mg, vitamine D3 10 µg en vitamine B6 als P5P 2,8 mg. Twee capsules per dag, 60 per pot. Bevat soja.

Bekijk Menopauze Balans

Het punt waar de meeste vrouwen op vastlopen

Niet de klachten zelf. Het niet weten.

Een vrouw van 46 die drie keer per nacht wakker wordt en denkt dat ze een burn-out krijgt, gaat andere dingen doen dan een vrouw van 46 die weet dat haar FSH schommelt. De eerste zoekt naar wat er mis is met haar. De tweede weet wat er gebeurt en kan kiezen.

Dat is de reden dat de zoekterm "perimenopauze" in Nederland in twee jaar meer dan verdubbeld is. Vrouwen zijn het aan het uitzoeken, vaak omdat het ze niet verteld is.

Wat had jij graag eerder geweten over deze fase?

Veelgestelde vragen

Op welke leeftijd begint de perimenopauze?

Gemiddeld rond je 45e, maar de spreiding is groot. Bij sommige vrouwen begint het rond hun 38e. Klachten vóór je 40e horen bij de huisarts, omdat het dan om vervroegde ovariële insufficiëntie kan gaan.

Kan een bloedtest aantonen dat ik in de perimenopauze zit?

Meestal niet betrouwbaar. In deze fase schommelen je hormonen sterk van dag tot dag, dus één meting zegt weinig. Je klachtenpatroon en je cyclus zijn informatiever. Onder de 45 kan een arts wel besluiten te prikken, en dan vaak herhaald.

Kan ik nog zwanger worden in de perimenopauze?

Ja. Zolang je nog eisprongen hebt kun je zwanger worden, ook bij een onregelmatige cyclus. Anticonceptie blijft nodig tot twaalf maanden na je laatste menstruatie, of tot je arts anders aangeeft.

Wat is het verschil tussen premenopauze en perimenopauze?

Premenopauze wordt door verschillende mensen verschillend gebruikt, soms voor de hele vruchtbare periode en soms voor de aanloop naar de overgang. Perimenopauze is de precieze term: de fase van de eerste onregelmatige cyclus tot twaalf maanden na je laatste menstruatie.

Gaat de hersenmist ooit weg?

Bij de meeste vrouwen wel. Het witboek van de International Menopause Society beschrijft de veranderingen in geheugen en aandacht als tijdelijk, met terugkeer naar het eerdere niveau na de overgang.

Waarom kom ik aan terwijl ik hetzelfde eet?

Vooral door verlies van spiermassa en een lagere ruststofwisseling, plus een verschuiving van vet naar het middel. Krachttraining en voldoende eiwit doen daar meer aan dan minder eten.

Deel dit artikel wanneer je denkt dat je er iemand een plezier mee doet:

Waar deze cijfers vandaan komen

Deze pagina steunt op zes publicaties, opgezocht via PubMed. Twee kanttekeningen horen erbij. De duurgetallen komen uit SWAN, een Amerikaans cohort van 3.302 vrouwen; de spreiding tussen etnische groepen daarin was groot (bij Afro-Amerikaanse vrouwen was de mediaan 10,1 jaar), dus het Nederlandse gemiddelde kan afwijken. En het getal van 20 procent onverklaarde klachten komt uit een online onderzoek dat wordt aangehaald in een overzichtsartikel, niet uit een aselecte steekproef; online deelnemers zijn vaker vrouwen die al klachten hebben. De richting van beide bevindingen is stevig, de precieze getallen minder.

  1. Harlow S.D. e.a. Executive summary of the Stages of Reproductive Aging Workshop + 10. The Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism, 2012;97(4):1159-1168. doi.org/10.1210/jc.2011-3362
  2. Avis N.E. e.a. Duration of menopausal vasomotor symptoms over the menopause transition. JAMA Internal Medicine, 2015;175(4):531-539. doi.org/10.1001/jamainternmed.2014.8063
  3. Tropschuh K., Seifert-Klauss V. Was gibt es Neues zu Peri- und Postmenopause? Deutsche Medizinische Wochenschrift, 2024;149(22):1317-1323. doi.org/10.1055/a-2165-5935
  4. Maki P.M., Jaff N.G. Brain fog in menopause: a health-care professional's guide for decision-making and counseling on cognition. Climacteric, 2022;25(6):570-578. doi.org/10.1080/13697137.2022.2122792
  5. Gava G. e.a. Cognition, Mood and Sleep in Menopausal Transition: The Role of Menopause Hormone Therapy. Medicina, 2019;55(10):668. doi.org/10.3390/medicina55100668
  6. Sowers M.F. e.a. Sex steroid hormone profiles are related to sleep measures from polysomnography and the Pittsburgh Sleep Quality Index. Sleep, 2008;31(10):1339-1349. pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/18853931

Verder lezen